Beheer en onderhoud

Reiniging en inspectie

Om een goede afstroming van de vrijverval riolen en minimale emissie naar oppervlaktewater te kunnen garanderen en handhaven is regelmatig onderhoud nodig. De straatkolken en lijngoten in onze gemeente worden twee keer per jaar gereinigd. In principe worden alle vrijverval riolen in de gemeente eens in de 6 jaar gereinigd. Bij deze reiniging worden de riolen in de straat onder hoge druk gereinigd. Tijdens de rioolreiniging kan het voorkomen dat de rioolaansluiting van uw woning onder druk komt te staan – er kan dan water in de watersloten van het toilet en andere afvoeren omhoog komen, doordat er lucht in de watersloten ontsnapt. Als bij u in de straat het riool wordt gereinigd, raden wij raden u dan ook aan om, als u lang uit huis gaat, het deksel van uw toilet neer te klappen en dit te verzwaren. Andere afvoeren zou u kunnen afsluiten met een dweil. Na afloop van de reinigingswerkzaamheden bij u in de straat is het raadzaam om even alle kranen open te zetten, hierdoor lopen de watersloten weer vol, zodat u geen last krijgt van stankoverlast. Bewoners ontvangen vooraf altijd vooraf bericht over een rioolreiniging.

Inspectie van riolering is belangrijk om inzicht te houden in de toestand van het stelsel en maatregelen te onderbouwen. Hiertoe wordt elk riool eens in de 10 jaar geïnspecteerd met behulp van een tv-camera. Voorafgaand aan een dergelijke inspectie wordt het riool gereinigd opdat een goed beeld van de onderhoudstoestand kan worden verkregen. De inspectiegegevens kunnen aanleiding zijn voor het treffen van maatregelen (zoals b.v. wortelfrezen) op korte termijn en voor het vervangingsonderhoud op langere termijn. Alle gegevens over de riolering zitten in en worden bijgehouden door middel van een geautomatiseerd rioolbeheersysteem. Ook de inspectiegegevens worden telkens in dit systeem ingevoerd. Op basis van deze inspectiegegevens wordt met behulp van het beheersysteem de restlevensduur van de riolen bepaald. De (ondergrondse) vervanging van de riolering wordt afgestemd met de noodzakelijke (bovengrondse) maatregelen aan de verharding. Dit resulteert in een vervangingsplanning voor de komende jaren. In principe wordt hierbij telkens 5 jaar vooruit gekeken. Nieuwe inspectiegegevens hebben nagenoeg geen invloed op deze planning, maar wel op de lange termijnplanning (na 5 jaar).

De bergbezinkbassins, rioolgemalen, overstortgemalen en de drie tussengemalen van de drukriolering worden beheerd en onderhouden door het Waterschap Groot Salland. Al deze gemalen zijn voorzien van telemetrie, waardoor ze 24 uur per dag, 7 dagen per week kunnen worden gevolgd en bewaakt. Ook kan er hierdoor direct op storingen worden gereageerd, waartoe het waterschap een eigen 24/7 storingsdienst heeft. De gemalen worden regelmatig geïnspecteerd, er wordt periodiek preventief onderhoud gepleegd en eenmaal per jaar wordt een grote onderhoudsbeurt uitgevoerd.

De drukrioolgemaaltjes worden jaarlijks geïnspecteerd en gereinigd. Bij de inspectie worden de units gecontroleerd op een goede werking (bijvoorbeeld capaciteitscontrole, controle draaiuren, controle op energieverbruik) en slijtage. Daarnaast worden de pompen en putten gereinigd en vindt mechanisch en elektrisch onderhoud plaats.

Storingsonderhoud

Naast het reguliere onderhoud aan de riolen, behoort ook het oplossen van storingen/verstoppingen tot het beheer en onderhoud van de riolering. Riool prolemen?

Meten en berekenen

Een nieuw rioolstelsel wordt ontworpen met behulp van berekeningen op basis van theoretische uitgangspunten. Het berekenen van het functioneren is een continu proces. Wijzigingen in het stelsel of in het aangesloten oppervlak en het ontwerpen van maatregelen zijn redenen om het functioneren opnieuw te berekenen. Ook externe factoren, zoals de klimaatverandering of nieuwe beleidsrichtlijnen kunnen aanleiding zijn om het rioolstelsel opnieuw door te rekenen.

Om deze berekeningen te kunnen toetsen aan de praktijk is het noodzakelijk om metingen aan het rioolstelsel uit te voeren. Het uitvoeren en vastleggen van metingen en registraties is echter ook van belang om meer kennis en inzicht in en over de afvalwaterketen (riool, gemalen en zuivering) op te bouwen, om de effecten van uitgevoerde maatregelen te bepalen en om nieuwe input te vergaren voor nieuwe (her)berekeningen.

Samen met het Waterschap Groot Salland is een meetplan voor de riolering opgesteld waaraan ook gezamenlijk uitvoering wordt gegeven. In totaal zijn drie soorten metingen onderscheiden in dit meetplan. In alle gevallen betreft het kwantitatieve of beter, hydraulische metingen. De onderscheiden metingen zijn:

  1. peilmetingen
  2. debietmetingen
  3. neerslagmetingen

Peilmetingen

Het grootste aantal meetpunten betreft peilmetingen. Deze worden met name ingezet om een ruwe schatting te kunnen maken van de hoeveelheid water die via een overstort wordt geloosd, om de vullingsgraad van een bergbezinkvoorziening te kunnen volgen en om op specifieke plaatsen het peil van het afvalwater in het stelsel te volgen.

Debietmetingen

Debietmetingen geven informatie over de hoeveelheid water die door het gemaal is verpompt. De debietmetingen hebben betrekking op de hoofdrioolgemalen en op de RWZI, in beheer en eigendom bij het waterschap. Bij de gemeentelijke gemalen worden in principe geen debietmeters geïnstalleerd. Voor de debietmetingen wordt uitgegaan van elektromagnetische of ultrasone meters.

Neerslagmetingen

Neerslagmetingen zijn nodig om met name het vul- en ledigingsgedrag van rioolstelsels en randvoorzieningen te kunnen verklaren.

Overige metingen

Voor inzicht in de bedrijfszekerheid van rioolgemalen zijn ondermeer de registratie van het aantal draaiuren, storingen en het energieverbruik van belang.